Marktconcert Breukelen

Op vrijdagmiddag is er weekmarkt in Breukelen. Verschillende organisten bespelen dan in de zomermaanden het G.Th. Bätzorgel Dit gebeurt tussen 12.45-13.15 uur, daarna is de kerk open voor bezichtiging of om gewoon even stil te kunnen zijn. Het speelschema ziet er als volgt uit. Meer informatie over het orgel vindt u op de website van de Pieterskerk. U kunt het concert ook thuis meebeleven via kerkdienstgemist.nl of youtube kanaal van de Pieterskerk.

Programma marktconcerten 2021

2 juli  Johan Erné 
9 juli  Frank Schneider  
16 juli  Ad van Pelt
23 juli  Diederik Bos
30 juli  Peter Verhoogt 
6 augustus  Willeke Smits
13 augustus  Erik van Bruggen
20 augustus  Willem Poot
27 augustus – geen concert 
3 september  Johan Erné

G. Th. Bätzorgel, Pieterskerk Breukelen

Niet wachten? Luister dan alvast via het youtubekanaal van de Pieterskerk

Programma marktconcert Pieterskerk 2  juli 2021 – Johan Erné

1. Variaties “Unter der Linden grüne” – Jan Pietersz. Sweelinck (1562-1621)
2. Variaties Psalm 23 “Mein hütter undt mein hirt.” – Jan Pietersz. Sweelinck?
3. Fantazia op de Fuga van M: Jan Pieters (15 december 1621) – John Bull (ca. 1562-1628)
4. Toccata in a – Jan Pietersz. Sweelinck
5. Hymne “Ave maris stella” (1627) – Girolamo Frescobaldi (1583- 1643)
6. Fantasia in F Ut Re Mi Fa Sol La (1612) – Jan Pietersz. Sweelinck


Biografische gegevens Johan Erné

Johan Erné studeerde eertijds theologie, muziekwetenschappen en orgel. Peter den Ouden, Peter van Dijk, Stephen Taylor (winnaar Sweelinckconcours 1975) en Matteo Imbruno (organist van de Oude Kerk in Amsterdam) maakten hem achtereenvolgens wegwijs in Sweelinck. Maar het was vooral de Sweelinck-lp van Gustav Leonhardt op het Metzler-orgel van de Grote Kerk in Den Haag, waarmee zijn moeder lang geleden op een vrijdagmiddag kwam aanzetten, die het vuur van de Sweelinckvreugde ontstoken heeft. Des groten componisten 400ste sterfdag op 16 oktober as. heeft tot de bloemlezing van hedenmiddag aanleiding gegeven. 

Programma marktconcert Pieterskerk 9 juli 2021 – Frank Schneider


Dietrich Buxtehude (1637 – 1707) Praeludium in D (BuxWV 139)
Camille Saint-Saëns (1835-1921)Fantaisie no. 3 (Op. 157)
Josef Gabriel Rheinberger (1839 – 1901) Cantilene (uit Sonate 11)
Johann Sebastian Bach (1685 – 1750)Preludium en Fuga in C, BWV 547   

CV Frank Schneider

Frank Schneider, geboren op 17 augustus 1982, ontving op 10-jarige leeftijd zijn eerste orgellessen van Leo-Hans Koornneef op muziekschool “Op Maat” te Vlaardingen. Zijn opleiding orgel en kerkmuziek volgde hij aan het conservatorium van Utrecht, met als hoofdvakdocenten Jan Raas en Reitze Smits. Als vaste organist was hij verbonden aan verschillende kerken en tevens was hij dirigent van diverse koren.Na zijn conservatoriumopleiding studeerde hij theologie aan de Theologische Universiteit in Apeldoorn. Sinds 2014 is hij als predikant verbonden aan de Nederlands Gereformeerde Kerk (Het Witte Kerkje) in Breukelen.

Programma marktconcert Pieterskerk 16 juli 2021 – Ad van Pelt

Het programma bestaat uit een tweeluik ofwel een diptiek. Een tweeluik is een kunstwerk dat bijvoorbeeld op twee panelen is geschilderd. Het kan ook een muziekstuk met twee delen zijn. Vandaag is het programma op deze manier opgebouwd.

Een muzikaal tweeluik : Engeland versus Duitsland
Engelse muziek
1. Henry Purcell : Ground in d, uit Celebrate this Festival (Z 321)
2. George Frideric Handel :        – Air in g (HWV 466)       – Concerto in G (HWV 487)
3. William Boyce : Trumpet Voluntary no. 5 in C
Duitse muziek 
4. Johann Sebastian Bach : Präludium und Fughetta in d (BWV 899)
5. Johann Decker : Praeludium ex E6. Johann Gottfried Walther : Allein Gott in der Höh sei Ehr, 1738 (versus 1-4)

Toelichting op de Engelse muziek

1. Eerst muziek van Purcell. Hij schreef in 1693 “Celebrate this Festival”, ter gelegenheid van de verjaardag van Queen Mary II, voor solisten, koor en orkest. Van het zevende deel uit dit werk, “Crown the altar, deck the shrine” (Kroon het altaar, verfraai het heiligdom) maakte hij deze bewerking voor klavier. Een Ground is een variatievorm waarin een baslijn of harmonisch schema meermalen wordt herhaald als basis voor een reeks variaties.

2. Van Handel volgt een Air, zoals de titel al aangeeft, een melodieus muziekstuk, dat doet denken aan herdersmuziek. Daarna horen we een afwisselend Concerto. Dit  bestaat uit twee delen (Allegro en Andante). Handel schreef deze muziek rond 1720, toen hij in London werkzaam was.

3. Van Boyce klinkt een Voluntary, een typisch Engels genre. Dit bestaat uit twee delen. Eerst klinkt een rustige inleiding, dan volgt een afwisselend gedeelte met het register Trompet als solostem.

Toelichting op de Duitse muziek

4. Bach schreef deze compositie vermoedelijk in de periode rond 1720. 
Het Präludium is een waardig werk in vierkwartsmaat, de Fughetta heeft het karakter van een Menuet (in 3/8-maat).

5. Decker was organist in Hamburg. Van hem bleef slechts één orgelwerk bewaard. Het bestaat uit twee korte delen die zonder onderbreking in elkaar overgaan. Eerst horen we een kort Praeambulum (= openingsstuk), aansluitend klinkt een kort fugatisch gedeelte. Het stuk staat in de toonsoort e-klein.

6. Walther schreef in 1738 een reeks met acht bewerkingen over “Allein Gott in der Höh sei Ehr”. We horen hieruit vandaag de eerste vier verzen.

CV Ad van Pelt

Ad van Pelt (1960) studeerde de hoofdvakken orgel en improvisatie aan het Utrechts Conservatorium bij Kees van Houten en Jan Welmers. In 1986 behaalde hij de diploma’s Uitvoerend Musicus en Protestantse Kerkmuziek. Daarnaast studeerde hij muziekwetenschappen aan de Universiteit Utrecht. Deze studie werd afgerond met het doctoraalexamen in 1987. Sinds 1990 is hij organist van het Johann Heinrich Hartmann Bätz-orgel (1768) van de Petruskerk te Woerden, dat in 2018-2019 werd gerestaureerd door de Gebr. van Vulpen te Utrecht, onder advies van Peter van Dijk en Wim Diepenhorst. Hij is werkzaam als docent voor orgel en piano en als coördinator van “Muziekschool Cantabile” te Woerden. Sinds 2018 is hij bestuurslid van de “Stichting Utrecht Orgelland”. 

Programma marktconcert Pieterskerk Diederik Bos  23 juli

Concert gewijd aan Sweelinck op het Bätzorgel
Programma
Jan Pietersz. Sweelinck (1562-1621)
1.  Variaties over Psalm 116 “Ik heb den Heer lief”
melodie van Loys Bourgeois
– Variatie 1
– Variatie 2 a 3.
– Variatie 3 auf 2 Clavieren
– Variatie 4
2.  Pavane Lachrymae
zes variaties op de Paduana Lachrimae
van John Dowland  ‘Flow my tears’
3.  Fantasia Contraria

————————————————————Toelichting

Diederik Bos speelt drie prachtige werken van Sweelinck: de buitengewoon vreugdevolle Psalm 116, de rustige, bezonnen Pavane Lachrymae en de geniale, inventieve Fantasia Contraria. We horen eerst vier variaties van Sweelinck op de melodie van Psalm 116, de psalm waarnaar het sierlint onder aan het front van het Bätz-orgel verwijst: Looft God uit liefde en dankbaarheid. ‘God heb ik lief, want Hij heeft mijn roepen gehoord’.
Voor de Pavane Lachrymae werd Sweelinck geïnspreerd door een pavane [een langzame, statige dans]  van zijn Engelse tijdgenoot John Dowland.  De lachrymae zijn tranen: hier een reeks dalende tonen.
Dowland schreef later bij zijn pavane een liedtekst: ‘Flow my tears’. De muziek werd in heel Europa door musici in hun repertoire opgenomen, en in eigen bewerkingen gevarieerd. Tijdgenoot Sweelinck deed dat ook: hij nam drie variaties van Dowland zelf, en versierde die. En bij iedere bewerkte variatie maakte hij een nog weer een andere versie.  Zo klinken er op dit concert zes briljante variaties van Sweelinck op de Pavane Lachrymae van Dowland.
Het laatste stuk, de Fantasia Contraria is een vrij stuk, een fantasie voor toetsinstrument, met de aanduiding: ‘contraria’.
’Tegengesteld’ dus. Ieder stem in dit stuk heeft een tegenstem:
gaat de eerste stem omhoog, dan daalt de tegenstem; maakt de ene stem een sprong de ene kant op, dan gaat de andere stem naar de de andere kant. En het blijft fantastisch klinken! Sweelinck laat hier zien wat hij in huis heeft aan virtuoze vakbeheersing en geniale creativiteit. En verschaft zodoende speelvreugde en luistergenot.

Programma marktconcert Pieterskerk Peter Verhoogt 30 juli 2021

Sweelinck en Cornet: de Noordelijke Nederlanden versus de Zuidelijke Nederlanden 
Programma

1. Toccata in a klein, Jan Pieterszoon Sweelinck (1562-1621) 
2. Variaties over Da pacem Domine in diebus nostris, Jan Pieterszoon Sweelinck 4 verzen:  cantus firmus in de sopraan   cantus firmus in de tenor   cantus firmus in de alt   cantus firmus in de bas
3. Fantasia ottavi toni, Peeter Cornet (1575-1633)
4. Salve Regina, Peeter Cornet 5 delen: Salve Regina Ad te clamamus  Eia ergo  O clemens  Pro Fine
5. Variaties over ‘Est-ce Mars’,  Jan Pieterszoon Sweelinck  7 variaties    

————Toelichting

Jan Pieterszoon Sweelinck en Peeter Cornet waren tijdgenoten en ze woonden beiden in de Lage Landen aan de Zee. Maar  Sweelinck, geboren in Deventer, werkte in Amsterdam, terwijl Cornet in Brussel werkte, de stad waar hij waarschijnlijk ook geboren is. Beiden zijn opgegroeid in de Rooms-Katholieke traditie, maar Sweelinck kreeg te maken met de opkomst van de Hervorming, terwijl het Brussel van Cornet het bij de oude leer hield. Sweelinck was in dienst  van het stadsbestuur van Amsterdam, Cornet diende aan het hof van de Landvoogd van de Zuidelijke Nederlanden. In Sweelincks tijd werd muziek uit de eredienst verbannen – in Brussel was de muziek een onderdeel van de liturgie. Werken deze verschillen door in hun muziek? Is Amsterdam strenger, en Brussel vrijer? Of hield Sweelinck ervan, zich beperkingen op te leggen, om daardoor zijn virtuositeit te kunnen demonstreren?
1. en 3. Van Sweelinck en van Cornet staat er een vrij werk op het programma,  een toccata van Sweelinck [nr. 1],  een Fantasia  van Cornet  [nr. 3]. Sweelinck gebruikt veel toonladderfiguren en omspelingen; de Fantasia van Cornet is fugatisch en lyrischer, inderdaad, vrijer.
2. en 4. Van beiden ook een bewerking over een gregoriaans hymne [nr. 2 en nr. 4]. Sweelinck laat de cantus firmus [melodie] van ‘Geef vrede Heer, in onze dagen’ consequent in hele noten horen, eerst in de sopraan, dan in de tenor, vervolgens in de alt en de bas.  Prachtig verstild! In de uitwerking van Cornet komt de cantus firmus soms in lange noten, maar hij is daarin niet niet consequent.
5. In 1613 werd het liedje ‘Est-ce Mars’  gebruikt in een ballet tere ere van de verjaardag van een van de zussen van de koning van Frankrijk, de 13-jarige Lodewijk XIII.  De melodie werd al snel populair in heel Europa en is dat tot in de 20e eeuw gebleven: er zijn meer dan honderd teksten bekend op deze melodie! Eén voorbeeld: ‘Wie gaat mee, gaat mee over zee? Houd het roer recht” van A.D. Loman.